De Gemeentelijke gaven

2

Als vervolg op de Bijbelstudie over “Tongen, Tekenen en Tijden” zullen we in deze studie wat meer uitweiden over de geestelijke gaven. In de vorige studie is besproken dat wonderen tekenen waren en een bepaald doel dienden. Bovendien zouden die wonderen/tekenen ophouden, juist omdat ze bedoeld waren als tekenen voor de komst van de Messias en de aanvang van het Nieuwe Verbond.

De functie van die wonderen was:

  • Een demonstratie van Gods macht en kracht;
  • Wonderen en het spreken in tongen zijn tekenen voor ongelovigen;
  • Wonderen bewijzen dat iemand een man Gods is, een van God gezonden man;
  • Wonderen moeten je naar Christus leiden, waardoor je tot geloof komt en eeuwig leven ontvangt;
  • Wonderen zijn symbolische uitbeeldingen van de grote werken Gods;
  • De wonderen die de apostelen deden bevestigen de Goddelijke zending van de apostelen;

De wonderen die de Heere Jezus deed kenmerken Hem als de Messias. De Heere Jezus deed dus tekenen en wonderen; de apostelen daarna ook. Dat waren gaven van God gegeven. De apostelen kregen inderdaad die gave, maar het is een hardnekkig misverstand te denken dat zij daardoor van God de capaciteiten kregen die wonderen en tekenen te doen.

De uitdrukking “geestelijke gaven” komt maar één keer in de Bijbel voor.

Lees verder in de PDF

(Bekeken: 418 keer, 1 x vandaag)
Delen via:

Over de auteur

Barth van Dijk

Barth van Dijk maakt - in eerste instantie voor zichzelf - samenvattingen van N.B.C.-spreekbeurten en bijbelstudiedagen en stelt deze vervolgens beschikbaar voor geïnteresseerden. Zijn samenvattingen (PDF) kunnen gratis gedownload worden. Op dit moment zijn er 47 samenvattingen beschikbaar.

2 reacties

  1. Dank je wel Bart voor alle samenvattigen die je maakt en deelt

    In Christus verbonden.

  2. Sjors Roosenbrand on

    De Bijbel is af inderdaad en het fundament gelegd. Ik hoor sommigen nog wel eens aankomen met de tekst:

    “Voorwaar, voorwaar zeg Ik ulieden: Die in Mij gelooft, de werken, die Ik doe, zal hij ook doen, en zal meerder doen, dan deze; want Ik ga heen tot Mijn Vader.” (Joh.14:12)

    Men (veelal charismaten en pinksterlieden) beroept zich op deze tekst om te bewijzen dat er voor de komst van Christus nog grotere wonderen zullen worden verricht door mensen in de tegenwoordige tijd. Nu staat hier m.i. niet dat er grotere wonderen verricht zullen worden, maar werken. Het mooiste en grootste werk werd aan het kruis verricht… welk groter werk willen we dan nu nog verrichten? Wie in deze tijd weet doden op te wekken? En dan niet een paar zoals Jezus deed, maar omdat er over grotere werken (wat ze dan met wonderen verwarren) wordt gesproken, zullen dit dan complete kerkhoven moeten zijn! Wie weet er niet een storm het zwijgen op te leggen, maar enorme tsunami’s te keren? Wie kan er ipv duizenden te voeden met slechts enkele broden en vissen, hongersnoden afwenden en hele volkeren redden van de hongerdood? Ik moet ze nog tegenkomen.
    Ik kan me voorstellen dat dit vers betrekking heeft op het werk van bekering. Wellicht dat er mensen zullen zijn die grote groepen naasten weten te bereiken en door het werk van de Heilige Geest deze mensen tot broeders en zusters weet over te halen. In dat opzicht kan ik me grotere werken voorstellen, maar anders niet. Tot dan wordt het aanprutsen door zogenaamde wonderdoeners die de duivel als souffleur hebben. Valse profeten met het hoogste woord, die oor- en egostrelende Godslasteringen de wereld in helpen. Valse hoop is wat deze mensen brengen, wolven in schaapskleren, kwakzalvers en goochelaars die de weg naar hun zogenaamde hemel bezaaien met wrakstukken van ontgoocheling. De hemel op aarde bestaat niet.

    “Doch de boze mensen en bedriegers zullen tot erger voortgaan, verleidende en wordende verleid.” (2Tim.3:13)

    Met getergde groeten,

    Sjors.

Reageren